Contracten

INDUSTRIEEL LEERCONTRACT (ILC)

(Er zijn ook andere termen in omloop: bv. industrieel leerwezen (ILW), jongeren leerlingwezen (JLW). Niet te verwarren met een middenstandsopleiding of leercontract.)

Het ILC is een overeenkomst waarbij de werkgever zich voor een periode van 12 tot 24 maanden (afhankelijk van de sector) engageert om de jongere op de werkvloer een opleiding te geven.

Een werkgever moet erkend worden door het Paritair Leercomité van de sector.

De jongere heeft recht op een leervergoeding en (in sommige sectoren) een bijkomende premie (zie subsidies).

De volgende PLC's organiseren een industrieel leercontract :

PLC 110, 111, 112, 118, 120, 124, 125, 126, 140, 142.01, 144, 145, 149.01, 149.2, 149.4, 218, 220, 302, 305.02

DEELTIJDS ARBEIDSCONTRACT (DAC)

Dit is een deeltijdse arbeidsovereenkomst van bepaalde of onbepaalde duur. Alle ondernemingen komen in aanmerking. Deze arbeid geeft recht op een minimumloon, afhankelijk van de sector van tewerkstelling en van de leeftijd.

Verder gelden dezelfde rechten en plichten dan voor elke andere werknemer binnen de onderneming.

Op de lonen is een RSZ-vermindering en in sommige gevallen een premie vanuit het Europees Sociaal Fonds (ESF) of een premie vanuit het sectorfonds.

INDIVIDUELE BEROEPSOPLEIDING (IBO)

Dit 'opleidingscontract' kan afgesloten worden voor iedere werkzoekende die ingeschreven is bij de VDAB. Dus ook voor jongeren in het deeltijds onderwijs. De duurtijd ligt meestal tussen 3 en 6 maanden.

Het contract wordt afgesloten tussen werkgever - VDAB - en cursist. In geval van deeltijds onderwijs jongeren is ook de school betrokken en op de hoogte.

De periode en het programma wordt vooraf overlegd met de VDAB. Zij zullen deze opleiding voortdurend evalueren. Na deze periode, en als de leerevolutie gunstig verloopt, is de werkgever verplicht om de cursist een contract van bepaalde of onbepaalde duur te geven.

Tijdens die opleiding hoeft u geen loon of RSZ betalen, enkel een productiviteitspremie.

BEROEPSINLEVINGSOVEREENKOMST (BIO)

Via een beroepsinlevingsovereenkomst kan je een werkzoekende een betaalde stage laten lopen in je bedrijf. Hij oefent praktische vaardigheden in op de werkvloer.

De beroepsinlevingsovereenkomst is een overeenkomst tusssen de werkgever en de stagiair. In de overeenkomst leg je de afspraken vast rond de stage en de wettelijke vergoeding die je moet betalen. Meer info over de bepalingen in deze overeenkomst vind je op werk.be.

Een beroepsinlevingsovereenkomst is pas geldig als je een opleidingsplan opstelt dat goedgekeurd wordt door VDAB.

de vergoeding van de stagiair: het doel van een bedrijfsstage bestaat erin de stagiair een  praktische opleiding te laten doorlopen en derhalve heeft de stagiair geen recht op loon dat de tegenwaarde zou zijn van zijn arbeidsprestatie. Niettemin zal hem een vergoeding toegekend worden. Deze wordt vastgesteld bij koninklijk besluit van 11 maart 2003 en mag niet lager zijn dan het bedrag van de vergoeding die aan een industriële leerling wordt toegekend. De vergoeding komt overeen met een percentage dat verschilt naargelang de leeftijd van de jongere en dat wordt berekend op de helft van het gemiddeld maandelijks minimuminkomen.

Sinds 1 december 2012 gelden volgende bedragen als minimumvergoeding:

Vergoeding van de stagiair

Leeltijd  Minimumvergoeding 

15 jaar  € 480,60 (1) 
16 jaar  € 525,70 (1) 
17 jaar  € 570,70 (1) 
18 jaar  € 615,80 (1) 
19 jaar  € 660,80 (1) 
20 jaar  € 705,90 (1) 
21 jaar  en +  € 751 (1)